VierkeerWijzer

 

Door te werken met de methode VierkeerWijzer bieden we in een doorgaande lijn op de hele school wereldoriëntatie aan. Onder wereldoriëntatie verstaan wij oriëntatie op jezelf en op de wereld. De lesstof wordt aangeboden in thema’s, projecten en vanuit de vakgebieden geschiedenis, aardrijkskunde en natuur. Bij VierkeerWijzer staat niet alleen centraal wat je leert maar ook hoe je leert.  De Vier in VierkeerWijzer staat voor de stappen die in het leerproces worden doorlopen:

  • V= Vragenstellen. Kinderen krijgen vragen over het thema en moeten op hun manier op zoek gaan naar de juiste antwoorden.
  • = Ik. Wat weten de kinderen zelf al van het onderwerp, welke voorkennis hebben ze en wat willen ze nog meer leren?
  • E = Experimenteren en ervaren. Op hun manier (met hun talent) gaan kinderen aan de slag met het thema.
  • R = Resultaten. De kinderen presenteren op hun manier wat ze hebben geleerd.

Om meer te kunnen leren en om je breder te kunnen ontwikkelen gaat het niet om ‘Hoe knap ben jij?’ maar om ‘Hoe ben jij knap?’. Kinderen leren, begrijpen en onthouden op verschillende manieren. Door aan te sluiten bij de verschillen van de kinderen maakt de methode VierkeerWijzer gebruik van Meervoudige Intelligentie.